www.f1-planet.com - Special: Buttongate II: A Change Of Heart
BUTTONGATE II: A CHANGE OF HEART

 

 

 

Vorig jaar was de Formule 1 in de ban van Buttongate, de rel die ontstond na de onverwachte overstap van Jenson Button naar BMW.Williams in 2005. Die stap zou uiteindelijk door het Contracts Recognition Board van de FIA worden geblokkeerd, maar het contract met Williams bleef bestaan.

Nu, een jaar later, heeft Button spijt van die affaire en wil hij het liefst bij B.A.R. Honda blijven. Sir Frank Williams lijkt echter niet van plan zijn protégé van weleer te laten gaan. Een analyse van wat nu al Buttongate II mag heten... 

 

 

 

Precies een jaar geleden brachten we bij F1-Planet.com exclusief het verhaal achter de bliksemtransfer van Jenson Button naar BMW.Williams. Destijds wilde de B.A.R.-coureur een vertrek naar zijn oude werkgever forceren omdat de toekomst van Honda bij B.A.R. onzeker leek. De zaak eindigde in oktober voor het Contracts Recognition Board van de FIA, dat oordeelde dat het contract van Button met B.A.R. rechtsgeldig was. Nu zijn de beide teams opnieuw in een strijd verwikkeld om de diensten van de 25-jarige Engelsman, maar is de situatie precies omgekeerd: ondanks dat hij een contract heeft met Williams voor 2006 is Button vastbesloten dat hij bij B.A.R. wil blijven. Buttongate II is geboren...

 

De bijna ironische situatie komt voort uit Jenson’s diepgewortelde ambitie om wereldkampioen te worden. In 2000 debuteerde hij als 20-jarige in de Formule 1 bij BMW.Williams en kwam daarmee in een extreme situatie terecht. Heel het Verenigd Koninkrijk lag aan zijn voeten, hopende dat ze hier met een waardige opvolger van Nigel Mansell en Damon Hill te maken had. Voor Button was het Williams-avontuur echter maar van korte duur. Hij had het met twaalf punten en een achtste plaats in het kampioenschap zeker niet slecht gedaan, maar zijn gebrek aan ervaring deed Williams besluiten hem voor twee seizoenen onder te brengen bij Benetton, dat zich in een transitiefase bevond voordat het in 2002 zou worden omgedoopt tot Renault.

De moeilijke situatie bij Benetton deed hem terugverlangen naar zijn oude team, maar van een terugkeer naar Williams kwam het niet. Voor 2003 behield Williams Juan Pablo Montoya en Ralf Schumacher en bij Renault moest Button plaatsmaken ten faveure van Fernando Alonso. Hij tekende voor B.A.R., waar hij in 2004 het beste jaar uit zijn carrière doormaakte. Ondanks dat succes overtuigde zijn management hem ervan dat een terugkeer naar Williams de beste manier was om zijn loopbaan voort te zetten. Er leek een clausule in het contract gevonden en desgevolgd tekende Button een contract bij zijn oude meester, Sir Frank Williams. Een contract dat hem vanaf 2005 voor meerdere jaren aan BMW.Williams zou verbinden.

Het oordeel van de Contracts Recognition Board zette echter een streep door de rekening. Button moest het contract met B.A.R. respecteren, dat hem nog voor minimaal één seizoen aan het team verbond. Voor 2006 had het team een optie op hem, maar dan moest ze hem wel in staat stellen binnen 75 procent van het puntentotaal van de leider in het Wereldkampioenschap te blijven. Door de mechanische problemen en daaropvolgend de schorsing naar aanleiding van het gevonden brandstofcompartiment in Imola leek dat al vroeg in het seizoen geen kans van slagen te hebben. En daarmee leek Button voorbestemd terug te keren naar Williams. Het meerjarig contract van Button met Williams getekend in 2004 bestond nog, omdat het Contracts Recognition Board niet de autoriteit heeft om contracten te vernietigen. Dat kan alleen een rechtbank, maar vanwege de specifieke sportsituatie en de trage rechtsgang werd besloten een oordeel te vragen aan het CRB van de FIA. Achteraf een cruciale beslissing, want in het geval van een rechtszaak zou één van beide contracten zijn vernietigd.

Nu zou het bestaande contract met Williams alsnog ingaan op het punt waar dat met B.A.R zou eindigen. Inmiddels was de situatie echter danig veranderd. In tegenstelling tot de verwachtingen van Button’s – inmiddels voormalige – management, toonde Honda wel degelijk commitment aan B.A.R. en besloot zelfs het meerderheidsbelang over te nemen van oprichter British American Tobacco. Williams had daarentegen een reeks flinke meningsverschillen gehad met motorenpartner BMW, dat zich besloot te richten op een eigen team door een overname van Sauber. Het dreigende verlies van fabriekssteun en de geruchten dat een aantal trouwe sponsoren BMW zouden volgen, zetten Button in de afgelopen maanden sterk aan het denken over zijn toekomst. B.A.R. leek haar vorm van 2004 weer langzaam maar zeker terug te krijgen; daar waar Williams na de Noord-Amerikaanse wedstrijden dramatisch terugviel.

Het meerjarige contract met Williams en de min of meer gedwongen terugkeer werden steeds meer een loden last op zijn schouders. Een situatie waarvan de critici stellen dat alleen hijzelf er de verantwoordelijkheid voor draagt. In een recent interview met Autosport verweert Button zich daar echter tegen: “Je zou kunnen stellen dat ik fouten heb gemaakt en ik denk dat ik heel slecht ben geadviseerd over de toekomst. Maar nu moet ik het goed maken en de richting kiezen die ik moet gaan in mijn carrière. Ik en Frank hebben altijd een goede band gehad en Williams heeft in het verleden veel bereikt. Ik heb veel respect voor Frank en het is een lastige situatie, maar hij moet begrijpen dat ik bij het best mogelijke team wil rijden”.

Dat begrip is er bij Sir Frank Williams duidelijk niet. De gelouterde teambaas rekende voor het weekend in één keer af met alle geruchten dat B.A.R. en Honda bereid zouden zijn Button’s contract af te kopen, in contanten, met Honda-motoren en het zou daarbij zelfs bereid zijn testrijder Anthony Davidson als coureur naar Williams te laten verkassen: “Jenson is, oprecht en in hoofdletters, NIET TE KOOP. Williams heeft een meerjarig contract met Jenson zonder enig voorbehoud. Het is heel duidelijk en gemakkelijk te interpreteren”. Williams hekelt verder Button’s gebrek aan commitment: “Als je je woord hebt gegeven, moet je je daaraan houden”.

Button’s zei in een reactie hierop inderdaad een contract te hebben met Williams voor 2006, “maar of dat bindend is, valt nog te bezien. Ik begrijp zijn situatie, maar hij moet die van mij ook begrijpen. Ik wil bij B.A.R. Honda rijden. Ik ben geen verwend nest of zo, maar het is een belangrijke stap in mijn carrière. Ik weet zeker dat Williams een sterke toekomst heeft – binnen een jaar of drie, vier – maar B.A.R. Honda zal van meet af aan sterk zijn. Als coureur heb je maar een korte loopbaan en daarom hangt veel af van het nemen van die beslissingen”.

De situatie rond Jenson Button is daarmee wederom in een impasse geraakt. In tegenstelling tot vorig jaar staat het management van Jenson Button er deze keer alleen voor wanneer het daadwerkelijk tot een rechtszaak komt. Er is in dit geval maar één contract en dus zal de zaak voor een gewone rechtbank voorkomen. Het management van Button zal zich daarbij hoogstwaarschijnlijk beroepen op de sterk veranderde situatie bij Williams en aanvoeren dat het team het in 2006 zonder fabriekssteun moet stellen. Zoals Button aangaf, de belangrijkste reden voor zijn heroverweging.


Rond de motorensituatie bij Williams bestaat echter nog geen zekerheid. BMW heeft aangegeven dat ze bereid is het bestaande contract met Williams tot 2008 uit te dienen, maar de algemene indruk is dat de relatie te zeer beschadigd is. Williams zou ervoor passen om de tweede viool te bespelen ten faveure van BMW’s eigen team. Daarentegen zal het voor klantenmotoren van Cosworth moeten betalen. Toyota heeft al aangegeven dat ze niet in staat is om naast haar eigen team twee teams te voorzien. Midland F1 had daarop een optie en nam die vlak voor het verstrijken daarvan op. De kansen op een fabrieksdeal lijken daardoor verkeken voor het team uit Grove. Om Button te behouden lijkt het team gebaat bij een voortzetting van het contract met BMW. Dat begint weliswaar haar eigen team, maar Williams zou in dat geval kunnen aanvoeren dat er in principe aan het pakket zelf niets is veranderd wanneer de Williams' alsnog worden uitgerust met een BMW V8-motor, maar de kansen daarop zijn uiterst klein.

In een situatie met klantenmotoren heeft Jenson Button zwaar wegende nieuwe omstandigheden, die een jaar geleden toen het contract werd getekend niet werden voorzien. Halverwege 2004 waren er immers nog geen tekenen dat BMW zich op een eigen team zou richten. Dat laatste kan door Button worden aangedragen als reden waarom hij destijds zonder verdere voorwaarden het contract met Williams ondertekende. B.A.R. kan tot het moment dat er duidelijkheid is omtrent Button’s contractuele status niet anders dan afwachten. Pas als Button contractvrij is kan ze hem voor langere tijd aan zich binden, maar het team lijkt dat bij monde van teambaas Nick Fry geen probleem te vinden. Op haar beurt heeft het team een optie op Anthony Davidson, die zonder problemen zou kunnen instappen in het geval dat Button het team zou verlaten.

Het advocatenteam van Button kan op hun beurt pas aan de slag wanneer alle omstandigheden duidelijk zijn. Door dat alles laten verdere ontwikkelingen op de transfermarkt lang op zich wachten. Veel hangt af van wie er uiteindelijk in het tweede Williams-stoeltje belandt. De vraag is overigens of Button en Williams wel gediend zijn bij een rechtszaak. Williams zegt oprecht dat het Button als een onderdeel van haar plannen ziet om als serieus team een aanval te doen op de huidige rangorde. Toegegeven, een Britse rijder voor een Brits team is een aantrekkelijke situatie om potentiële sponsors te interesseren, maar anderzijds zou een nederlaag in de rechtszaal het team onnodig schaden. Button heeft op zijn beurt al genoeg juridisch getouwtrek rond zijn persoon meegemaakt en hoewel hij dit merendeels aan zichzelf te wijten heeft, doet het zijn imago en geloofwaardigheid zeker geen goed.

Sir Frank Williams zou graag geloven dat hij niets te verliezen heeft, maar niets is minder waar. In Engeland weegt het evenals in de rest van Europa zwaar wanneer een werknemer niet voor zijn toekomstige werkgever wil uitkomen. Eenzelfde situatie deed zich een paar jaar geleden voor toen McLaren’s Technisch Directeur Adrian Newey een contract ondertekende bij Jaguar Racing, maar na een gesprek met Ron Dennis anders besloot. Jaguar daagde Newey voor de rechter, maar tevergeefs. De rechter kon Newey niet verplichten om voor Jaguar te werken en dus droop het team uit Milton Keynes destijds teleurgesteld af.

 

De komende tijd zal van groot belang zijn voor het verdere verloop van wat nu al Buttongate II mag heten. Naar verluidt zouden Button en Sir Frank na Hongarije een eerste persoonlijk gesprek hebben om van gedachte te wisselen over de kwestie. Daarna zal duidelijk worden of de zaak in den minne wordt geschikt of dat er inderdaad voor de tweede keer in even zoveel jaar een rechter moet beslissen over de diensten van Jenson Button. De uitslag daarvan is allerminst zeker, want ondanks dat de omstandigheden duidelijk in Button’s voordeel spreken, zal de rechter ook meewegen dat Button vorig jaar aan de kant van Williams vocht voor ontbinding van het B.A.R.-contract. Het respecteren van contracten is zeker iets wat een rechtbank zwaar kan laten wegen wanneer de complete geschiedenis wordt meegewogen.

Button zelf moet inmiddels langzaam gewend raken aan alle commotie rond zijn persoon. Hoewel de vertrouwensbreuk met Williams zeker geen positieve ontwikkeling is voor de Brit, mag hij zich wel in de luxe-positie scharen waarbij twee teams bereid zijn ver te gaan voor zijn diensten. Hijzelf kan nu niet veel meer doen dan zijn standpunt verdedigen, want de echte beslissing over zijn toekomst zal wederom door anderen worden genomen.

 

 

Een jaar na Buttongate heeft Jenson spijt van zijn contract met Williams.

 

 

De recente ontwikkelingen brachten Button op een keerpunt in zijn loopbaan.

 

 

In 2000 debuteerde Jenson bij Williams in de Formule 1 en leek hij na een vertrek voorbestemd ooit terug te keren.

 

 

Williams viel recentelijk ver terug, terwijl B.A.R. weer langzaam maar zeker op de weg terug was.

 

 

Sir Frank Williams is duidelijk niet voornemens Button te laten gaan.

 

 

Het feit dat Honda een aandeel heeft genomen in B.A.R. woog voor Button zwaar in zijn wens om bij het team te blijven.

 

 

Williams lijkt daarentegen aangewezen op klantenmotoren van Cosworth.

 

 

Een soortgelijke situatie ontstond in 2001 toen McLaren's Technisch Directeur Adrian Newey afzag van een overstap naar Jaguar.

 

 

Button is de commotie rond zijn persoon inmiddels gewend, maar hij heeft de situatie niet in eigen hand.